Zoeken in deze blog

donderdag 9 november 2017

Sense and sensuality

Volgens een overzicht van de Nederlandse vertalingen van haar werk op de site van de KB kwam de waardering voor Jane Austen in Nederland maar traag op gang:
Het lijkt erop dat Nederland pas laat belangstelling kreeg voor haar boeken, en er tot na de Eerste Wereldoorlog helemaal van verstoken is gebleven. Een kijkje in Delpher [...] leert inderdaad dat de naam Jane Austen in de negentiende en vroege twintigste eeuw vrijwel alleen voorkomt in krantenberichten over nieuwe Engelse uitgaven van haar romans.
Vervolgens stelt het artikel dat er tot de Tweede Wereldoorlog maar één roman van Austen is vertaald (Sense and Sensibility, door Gonne van Uildriks), in de eerste drie decennia na de oorlog alleen nog twee vertalingen van Pride and Prejudice het licht zagen, en de rest van haar oeuvre pas vanaf eind jaren 70 in vertaling verscheen.

Vooral op het gebied van die naoorlogse vertalingen behoeft dat beeld een stevige aanvulling, die hier binnenkort volgt. De beschrijving van de vooroorlogse situatie strookt wel ongeveer met wat ik zelf in Delpher over haar kon vinden.

Trots en gevoel

Zo was het in de jaren 30 blijkbaar nog nodig om aan krantenfeuilletons een verklarende voetnoot toe te voegen als ‘Jeanne Austen’ (zoals haar naam eenmaal werd gespeld) daarin ter sprake kwam. In 1883 kreeg een vergelijkbare verwijzing in het feuilleton De nalatenschap van den ouden landheer (naar The Squire’s Legacy van Mary Cecil Hay) weliswaar géén voetnoot, maar dat is natuurlijk geen argument om te veronderstellen dat Austen toen wél bekend was.

bron: Delpher


Het fragment wekt bij mij alleen de vraag wat in hemelsnaam een ‘vrageie’ is – maar dat doet hier niet ter zake.

Sarah Salt

Zoals hier al opgemerkt, werd Austen bij de verschijning van Gevoel en verstand in 1922 als een ‘onbekende schrijfster’ gepresenteerd. Anderzijds achtte I.I. Brants de boektitel Sense and Sensibility in 1930 blijkbaar al bekend genoeg om ervan uit te gaan dat lezers konden begrijpen dat Sarah Salts titel Sense and Sensuality dáárnaar verwees – in een (overigens slechts gedeeltelijk leesbare) recensie van een andere roman van deze vergeten schrijfsterJoy is My Name.

En ik zie ook wel anderen redenen om te durven vermoeden dat de aandacht voor Jane Austens werk in Nederland rond 1900 begon te groeien. In de commentaren bij het artikel op de KB-site schrijft iemand: ‘Engelse leraren plaatsten de boeken van Jane Austen op de lijst voor Engelse taal en literatuur.’ Zij heeft het dan over de jaren 70, maar mutatis mutandis gold mogelijk hetzelfde voor de periode rond de Eerste Wereldoorlog. In de Engelse letterkunde was Austen toen al stevig gecanoniseerd, en daarmee behoorde ze blijkbaar ook tot de lesstof van aanstaande docenten Engels, want haar naam figureert herhaaldelijk in de examenvragen voor de onderwijsakte B – kijk bijvoorbeeld ook hierhier en hier. In 1906 recenseerde Augusta de Wit in het Algemeen Handelsblad bovendien al een Engelstalig boek óver Jane Austen; en in 1911 kwam de populariteit van Austen, die in Engeland destijds sterk in opkomst was, ter sprake in een artikel over een essay van John Ayscough in De Maasbode:

bron: Delpher

Bovendien stonden bij de radiogegevens in kranten ook altijd de programma’s van de Engelse zenders vermeld, dus blijkbaar werd daar in Nederland ook naar geluisterd; en op die zenders werd nog weleens iets van Austen voorgelezen. Verder is in Delpher te zien dat Engelse uitgaven van Austens werk ook in de bibliotheken te vinden waren.

Daar laat ik het bij voor wat betreft de vooroorlogse receptiegeschiedenis van Jane Austen in Nederland. De finesses (en correcties) laat ik graag over aan studenten literatuursociologie. Interessanter is de naoorlogse receptie van haar werk: daarover de volgende keer.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Populaire berichten